Ellis van der Weerden studeerde Bedrijfskunde in Groningen, werkte in de papierindustrie en maakte in 2007 als nieuwe directeur van de Jaap Eden IJsbaan in Amsterdam de overstap naar de sportwereld. Sinds 2015 is ze directeur van Team Sportservice. De accountants van RSM komen met enige regelmaat op bezoek. “Gedrevenheid hoort bij sport en dus ook bij ondernemen. Het verleggen van grenzen is daar onlosmakelijk mee verbonden.”

Team Sportservice is een organisatie met ruim 350 medewerkers die in de provincies Utrecht, Noord- en Zuid-Holland overheden, scholen en verenigingen ondersteunt rondom de maatschappelijke inzet van sport en bewegen. Ellis van der Weerden is een bestuurder die zeker in sportief opzicht de daad bij het woord voegt. Zo klimt ze met enige regelmaat op de racefiets om van haar woning in Amsterdam naar het Gelderse Brummen, de woonplaats van haar ouders, te rijden; ruim tweehonderd kilometer heen en weer. Ze fietst als het even kan naar haar werk op het hoofdkantoor van Team Sportservice in Halfweg. Ze loopt regelmatig hard, roeit of staat op de lange latten.

Die passie voor sport heeft ze gemeen met Jan Kees van der Leek, partner bij RSM en haar eerste aanspreekpunt. Jan Kees loopt eveneens hard en hij hoopt in 2028 de Six Star Medaille te behalen als beloning voor de zes major marathons die hij dan samen met zijn zoon heeft uitgelopen. Jan Kees: “Die gezamenlijke liefde voor de sport maakt het extra mooi om met Team Sportservice samen te werken. Ons team werkt graag samen met de medewerkers van Team Sportservice. Met elkaar proberen we elk jaar weer de interne processen verder te verbeteren. De gedrevenheid bij Ellis zie ik overal terug. Haar inzet om mensen, zowel jongeren als volwassenen, met een smalle beurs met sport te laten kennismaken is bijzonder. Zo is ze onbezoldigd bestuurslid van het Volwassenenfonds Sport en Cultuur. Maar wellicht het meest positieve voor ons als RSM is dat Team Sportservice openstaat voor opbouwende kritiek, dat we onze mening over bepaalde bedrijfskundige en financiële processen kunnen geven en dat er wordt geluisterd. Niet dat ze klakkeloos alles wat wij voorstellen overnemen, want we voeren soms pittige discussies.”

Wederzijds

De waardering komt van beide kanten vertelt Ellis. “Ik zag accountants en rapporten altijd als een soort van ‘moetje’. Maar met de accountants van RSM, met Jan Kees, spar ik echt, is er een partnership. Mede dankzij RSM kijken we beter naar onze eigen processen, hebben we een professionaliseringsslag gemaakt. Het is essentieel dat we onze eigen zaakjes goed op orde hebben. Team Sportservice bestaat uit drie besloten vennootschappen en twaalf stichtingen; een hele klus. Bij aanvang van de controle zeg ik bijvoorbeeld tegen Jan Kees: ‘Ik maak me een beetje zorgen over die of die stichting. Kunnen jullie daar eens extra naar kijken.’ Het betreft een samenwerking waar wij ons voordeel mee doen. Een bijkomende positieve factor is dat RSM sport ademt. Zo werkt RSM nauw samen met NOC*NSF, waarbij topsporters en sportbonden worden ondersteund.”

Ellis erkent dat er soms meningsverschillen zijn. “De natuurlijke afstand tussen opdrachtgever en accountant is van groot belang. Het is geen kwestie van ‘vrienden onder elkaar en even een krabbeltje zetten’. Zo werkt het niet en zo willen beide partijen ook niet werken. Als er iets niet klopt, wordt dat in alle openheid gesignaleerd en aangekaart en worden de formele processen gevolgd.”

Sluitend

Van financiële controle is het slechts een kleine stap naar de vraag hoe Team Sportservice zelf aan voldoende middelen komt. Dat is geen vanzelfsprekendheid, omdat sport bij gemeenten vaak niet de hoogste prioriteit heeft. En dat terwijl sporten synoniem is voor een gezonder leven en zowel fysiek, mentaal als sociaal bijdraagt aan de samenleving. Sport als middel én als doel dus. Ellis van der Weerden: “Sport is geen wettelijke taak van lokale en provinciale overheden. Daarom is het zo kwetsbaar.”

Valpreventie

Dat heeft vooral te maken met de financiële kaders van overheden legt Ellis van der Weerden uit. “Circa 80% van een begroting van een gemeente of provincie is bestemd voor wettelijke taken. Als er bezuinigd wordt, moet dat bij die resterende 20% vandaan komen. Daar valt sport ook onder. Daarom is het zo belangrijk dat wij via data de impact van sport en bewegen kunnen aantonen. Dan zorg je dat de budgetten ook echt gericht worden ingezet en impact hebben. Momenteel werkt één op de zeven mensen in de zorg. Als we hetzelfde niveau van zorg willen handhaven moet dat over 15 jaar door de vergrijzing één op de drie worden. Dat is onhaalbaar. Door te voorkomen dat mensen aanspraak maken op zorg kun je de zorg ontlasten. Ons programma valpreventie voor ouderen zorgt ervoor dat er aantoonbaar minder ongelukken plaatsvinden. Wie fit is, valt minder snel. Ik denk bovendien dat we aan wettelijke taken van gemeenten een bijdrage kunnen leveren. Bijvoorbeeld de lichte gevallen in de jeugdzorg kunnen baat hebben bij een sportprogramma. Op die manier snijdt het mes aan twee kanten. We kunnen een bijdrage leveren aan de wettelijke taken en de sport- budgetten overeind houden. Voor 2026 heb ik de begroting net sluitend kunnen krijgen. Het gebrek aan geld zie ik overigens zowel als een bedreiging als een kans. Dat gegeven zorgt voor innovaties en dat je goed onderbouwde keuzes maakt.”

Adres
Ik wil graag het RSMagzine wel/niet meer ontvangen