RSM Belgium
Languages

Languages

Tax Insights november 2019 - EU btw-actieplan: 'Quick Fixes' treden in werking op 1 januari 2020

Elke belastingplichtige die handelingen verricht binnen de Europese Unie (EU) is verplicht om te voldoen aan de Europese btw-regels en formaliteiten. Vanaf 1 januari 2020 zullen er enkele wijzigingen worden doorgevoerd onder de vorm van vier ‘Quick Fixes’. Voornamelijk belastingplichtigen die, direct of indirect, betrokken zijn bij grensoverschrijdende goederenleveringen binnen de EU zullen rekening moeten houden met deze nakende veranderingen. 

Het beduidende verlies aan btw-ontvangsten binnen de EU heeft geleid tot acties vanwege de Europese Commissie en heeft een aantal veranderingen aan de Europese btw-regels in gang gezet. De grootste verandering is ongetwijfeld de invoering van een nieuw, definitief, algemeen btw-stelsel, maar dit zal pas ten vroegste in 2022 in werking treden. 

Desalniettemin zijn er bepaalde veranderingen die de EU op korte termijn wou doorvoeren, met name de Quick Fixes en dit vanaf 1 januari 2020. 

1. VEREENVOUDIGING CALL OFF STOCK

Het begrip ‘call off stock’ houdt in dat goederen in voorraad worden gehouden voor een bepaalde klant, en dat die klant op afroep over de goederen kan beschikken. De goederen blijven eigendom van de leverancier, tot op het moment dat de klant ze uit voorraad haalt. Indien een call off stock wordt aangehouden in een andere Lidstaat dan degene waarin men gevestigd is, vereist dit onder de normale btw-regels dat de leverancier een btw-nummer aanvraagt in het land waar de voorraad wordt gehouden. Om die btw-registratie te vermijden voorzien heel wat EU Lidstaten in een vereenvoudigingsmaatregel voor call off stock. 

Huidige positie

Het overbrengen van eigen goederen van de ene Lidstaat naar de andere wordt gelijkgesteld met een intracommunautaire levering op het moment dat de goederen overgebracht worden. 

Hieruit volgt automatisch dat de leverancier verplicht is om zich voor btw-doeleinden te registreren in de Lidstaat waar hij de goederenvoorraad aanhoudt, aangezien hij btw moet voldoen over de met intracommunautaire verwerving gelijkgestelde handeling, alsook om de daarop volgende levering te onderwerpen aan lokale btw op het moment dat de eigendom overgaat. Bij wijze van vereenvoudiging aanvaarden sommige Lidstaten dat de leverancier niet verplicht is zich te registreren in de Lidstaat van aankomst van de goederen (mits voldaan aan lokale voorwaarden en beperkingen), maar deze vereenvoudiging wordt niet algemeen toegepast in alle Lidstaten.

Positie vanaf 1 januari 2020

Elke EU Lidstaat moet een vereenvoudigingsmaatregel voor call off stock implementeren. Ook de regels hieromtrent worden geharmoniseerd. 

Het overbrengen van eigen goederen naar een call off stock in een andere Lidstaat, zal slechts worden gekwalificeerd als een intracommunautaire levering op het moment dat de eigendom overgaat naar de klant (en dus niet langer op het moment van overbrenging).

De gelijkgestelde intracommunautaire levering vindt dus enkel plaats wanneer de klant effectief in het bezit wordt gesteld van de goederen. Uitzondering hierop is indien er geen verkoop heeft plaatsgevonden binnen de 12 maanden na de overbrenging, in dat geval vindt er alsnog een overbrenging van eigen goederen plaats op dat moment, volgens de normale btw-regels. Leveranciers en hun klanten moeten ook een call off stock register bijhouden om te allen tijde te kunnen bepalen waar goederen zich bevinden, en de termijn van 12 maanden op te volgen. 

2. ALLOCATIE VAN TRANSPORT BIJ KETTINGVERKOPEN

Men spreekt van een kettingverkoop wanneer er twee (of meerdere) verkooptransacties plaatsvinden, maar er slechts één enkele goederenbeweging is, en de goederenbeweging plaatsvindt in de relatie tussen de eerste verkoper en de eindklant in de keten. Bovendien moeten de eerste leverancier en de eindklant zich in een andere Lidstaat bevinden. Bijvoorbeeld, leverancier in land A vervoert de goederen naar een klant in land D en factureert aan een entiteit in land B, die op zijn beurt factureert aan een klant in land C, die factureert aan de eindklant in land D.

Huidige positie

Slechts één partij in de keten is verantwoordelijk voor het intracommunautair vervoer en kan genieten van de btw-vrijstelling. Momenteel bepaalt elke Lidstaat echter zelf de regels om het transport aan de ene dan wel aan de andere transactie toe te kennen. Dit leidt soms tot zodanige verwarring dat het niet duidelijk is welke partij nu verantwoordelijk is voor het vervoer en wie dus de btw-vrijstelling moet toepassen.

Positie vanaf 1 januari 2020

Volgens een algemene nieuwe regel die in werking zal treden voor elke Lidstaat, wordt de intracommunautaire levering geacht plaats te vinden tussen de eerste leverancier en de tussenpersoon-doorverkoper.

Op deze algemene regel bestaat een uitzondering: de tussenpersoon-doorverkoper wordt geacht de intracommunautaire levering te verrichten indien hij voor btw-doeleinden is geregistreerd in het land waar het vervoer van de goederen aanvangt, en zijn btw-nummer van dat land communiceert aan de eerste leverancier.
Complexe kettingverkopen tussen meerdere partijen vereisen een voorzichtigere aanpak en gedetailleerde analyse.

3. BEWIJS VAN VERVOER

Huidige positive

Er bestaan momenteel geen gemeenschappelijke richtlijnen die bepalen wat de minimum vereiste bewijsstukken zijn om aan te tonen dat goederen een Lidstaat hebben verlaten. Deze bewijsstukken zijn nodig op aanspraak te kunnen maken op de btw-vrijstelling voor intracommunautaire leveringen.

Positie vanaf 1 januari 2020

Elke Lidstaat zal dezelfde criteria moeten hanteren. De partij die de btw-vrijstelling inroept, moet beschikken over twee niet-tegensprekelijke bewijsstukken opgesteld door twee onafhankelijke partijen betrokken bij de transactie. Bv. transporteur, bank, verzekeraar, magazijnier, enz. De twee partijen moeten onafhankelijk zijn van de verkoper, van de klant en van elkaar.

Deze twee niet-tegensprekelijke bewijsstukken moeten vermeld staan op een vooraf bepaalde lijst met documenten. Daarnaast moet, indien de koper instaat voor het vervoer, een schriftelijke verklaring worden opgesteld door de koper en worden bezorgd aan de verkoper (cf. bestemmingsdocument). 

4. VEREISTE OM TE BESCHIKKEN OVER EEN GELDIG BTW NUMMER VAN DE KOPER

Huidige positie

Volgens huidige Europese rechtspraak kan een levering van goederen in principe genieten van de btw-vrijstelling voor intracommunautaire leveringen, zelfs zonder vermelding van een geldig btw-nummer van de afnemer, op voorwaarde dat kan worden vastgesteld dat de afnemer een belastingplichtige is. De rechtspraak heeft dus bevestigd dat het beschikken over een geldig btw-nummer van de klant geen materiële voorwaarde is om de btw-vrijstelling te kunnen toepassen, en dat de vrijstelling dus kan worden ingeroepen zodra kan worden aangetoond, op basis van andere wezenlijke bewijsstukken, dat aan de materiële voorwaarden is voldaan.

Positie vanaf 1 januari 2020

Twee nieuwe materiële voorwaarden zullen vervuld moeten zijn om aanspraak te maken op de btw-vrijstelling voor intracommunautaire leveringen. Ten eerste dient men te beschikken over een geldig btw-identificatienummer van de klant, en dient dit te worden vermeld op de verkoopfactuur. De tweede voorwaarde bepaalt dat de transactie opgenomen moet worden in de intracommunautaire listing van de verkoper.

5. CONCLUSIE

Deze Quick Fixes hebben als doel om de regels binnen de EU op elkaar af te stemmen en de formaliteiten strenger te maken zodat het moeilijker wordt voor belastingplichtigen om hun btw-plicht te ontlopen. 

Hierboven werd een samenvatting gegeven van de veranderingen die elke btw-plichtige geacht wordt te kennen. De onderliggende concepten zijn echter technisch gezien complex, zoals ook blijkt uit de 70 pagina’s tellende verklarende nota van de btw Expert Groep van de Europese Commissie.

Er zijn een aantal belangrijke logistieke, commerciële en boekhoudkundige implicaties die voortvloeien uit de Quick Fixes. Deze omvatten:

  • Het begrijpen van de operationele en boekhoudkundige vereisten;
  • De impact op de supply chain, en
  • Ervoor zorgen dat de ERP en boekhoudsystemen passend geconfigureerd zijn om met de veranderingen om te gaan.

Deze veranderingen zullen ook beïnvloed worden door de uitkomst van de Brexit, en op het moment van publicatie van deze tekst is het niet zeker of en in welke mate er rekening mee gehouden moet worden. 
Ter voorbereiding op de Brexit ondernemen belastingplichtigen best stappen om ervoor te zorgen dat hun intracommunautaire leveringen niet nadelig worden beïnvloed door de Quick Fixes. 

Voor praktische begeleiding en een meer gedetailleerde bespreking van uw concrete situatie, gelieve contact op te nemen met uw gewoonlijk RSM aanspreekpunt.

Indien u bijkomende informatie over dit onderwerp of enige andere bijstand wenst, staat het tax team van RSM Belgium graag ter uwer beschikking. 

Download onze Tax Insight

tax_insights_small.jpg

How can we help you?

Contact us by phone +32 (0)2 379 34 70 or submit your questions, comments, or proposal requests.

Email us