Veel ouders willen tijdens hun leven alvast liquiditeiten overdragen aan hun kinderen. Een veelvoorkomende manier waarop dit gebeurt, is door een schuld aan een kind uit een eerdere nalatenschap alvast geheel of gedeeltelijk af te lossen. Wat veel mensen niet weten, is dat zo'n vervroegde aflossing gevolgen kan hebben voor de schenkbelasting.

Een vervroegde aflossing kan onder omstandigheden worden aangemerkt als een schenking, ook al wordt feitelijk een bestaande schuld terugbetaald. De Belastingdienst heeft hierover op 22 juni 2026 een kennisgroepstandpunt gepubliceerd. Hieruit kan voor veel gevallen worden afgeleid wanneer de Belastingdienst in een aflossing géén belastbare schenking ziet. 

Hoe ontstaat zo'n vordering?

Wanneer een ouder overlijdt zonder testament, geldt vaak de wettelijke verdeling. Ook bij oudere testamenten met een ouderlijke boedelverdeling of bij bepaalde andere testamentaire regelingen kan een vergelijkbare situatie ontstaan. In dat geval gaan de bezittingen en schulden van de nalatenschap naar de langstlevende echtgenoot. Het kind krijgt daartegenover een geldvordering op de langstlevende ouder: de zogenoemde onderbedelingsvordering. Deze vordering is vaak pas opeisbaar bij het overlijden van de langstlevende ouder. Tot die tijd hoeft de ouder de vordering in beginsel niet uit te betalen.

Waarom kan een aflossing toch een schenking zijn?

Normaal gesproken is het aflossen van een schuld geen schenking. Anders ligt het wanneer een schuld wordt betaald voordat deze opeisbaar is. De reden daarvoor is dat een vordering die pas in de toekomst opeisbaar wordt, vandaag minder waard is dan het nominale bedrag. Geld dat pas over vele jaren wordt ontvangen, heeft immers een lagere waarde dan geld dat direct beschikbaar is.

Betaalt de langstlevende ouder méér dan de contante waarde van de vordering op het moment van aflossing, dan kan de Belastingdienst het meerdere aanmerken als een schenking aan het kind.

De rente speelt een belangrijke rol

Of sprake is van een schenking, hangt sterk af van de voorwaarden van de vordering.

Van belang zijn:

  • Welke renteafspraken gelden?
  • Is sprake van enkelvoudige of samengestelde rente?
  • Hoe verhoudt de afgesproken rente zich tot de geldende marktrente?
  • Hoe lang zal de niet-opeisbare vordering naar verwachting nog uitstaan?

Vooral bij renteloze vorderingen of vorderingen met lagere rente dan de marktrente , kan een vervroegde aflossing sneller leiden tot een belastbare schenking. Bij een vordering met een samengestelde rente die gelijk is aan of hoger ligt dan de relevante marktrente, zal een aflossing in veel gevallen juist niet tot een schenking leiden, mits niet meer wordt betaald dan het bedrag waarop het kind op dat moment recht heeft.

Een eenvoudig voorbeeld

Stel dat vader overlijdt en moeder en kind ieder voor de helft erfgenaam zijn. De nalatenschap bedraagt € 200.000. Door de wettelijke verdeling krijgt moeder alle bezittingen en ontstaat voor het kind een onderbedelingsvordering van € 100.000 op moeder.

De vordering is renteloos en pas opeisbaar bij overlijden van moeder. Moeder is 71 jaar oud en haar statistische levensverwachting bedraagt ongeveer 15 jaar. Hoewel de nominale vordering € 100.000 bedraagt, is de waarde van die toekomstige vordering vandaag aanzienlijk lager. Bij een marktrente van 3% bedraagt de contante waarde ongeveer € 64.000. Betaalt moeder op dit moment € 64.000, dan is volgens het kennisgroepstandpunt geen sprake van een schenking. Betaalt moeder echter meer, dan is het meerdere in de basis een schenking. 

Let op: de berekening van de fiscale waarde van de schenking is niet altijd logisch

Het bijzondere daarbij is dat de hoogte van de belastbare schenking niet altijd gelijk is aan het verschil tussen de aflossing en de contante waarde van de vordering. Voor de berekening van de belastbare schenking moet namelijk worden aangesloten bij specifieke waarderingsregels uit de Successiewet. Daarbij wordt gewerkt met wettelijke ficties: fiscaal voorgeschreven waarden en uitgangspunten voor (o.a.) vruchtgebruik, rente en levensverwachting. Daardoor kan de fiscale waarde van de vordering afwijken van de contante of actuarieel berekende waarde.

Het gevolg is dat een aflossing die op het eerste gezicht redelijk lijkt, toch tot een belastbare schenking kan leiden. De contante waarde van de vordering was in ons eenvoudige voorbeeld € 64.000. De fiscale waarde is echter € 58.000. Als moeder een bedrag van € 80.000 zou aflossen, dan is sprake van een schenking van € 22.000 (€ 80.000 -/- € 58.000), waarover 10% schenkingsrecht is verschuldigd. Maar als moeder een bedrag tussen de € 58.000 en € 64.000 zou aflossen, zou géén sprake zijn van een belastbare schenking. 

Vragen die u zichzelf zou moeten stellen

Overweegt u om een onderbedelingsvordering vervroegd af te lossen? Dan is het verstandig om vooraf stil te staan bij onder meer de volgende vragen:

  • Wanneer is de vordering daadwerkelijk opeisbaar?
  • Welke renteafspraken gelden?
  • Welke marktrente moet worden gebruikt?
  • Welke fiscale waarderingsregels zijn van toepassing?
  • Kan de aflossing geheel of gedeeltelijk als schenking worden aangemerkt?
  • Is het wenselijk om gebruik te maken van schenkingsvrijstellingen?

Omdat meerdere fiscale regels door elkaar heen lopen, is het antwoord vaak minder eenvoudig dan het lijkt.

Voorkom onaangename verrassingen

Een vervroegde aflossing van een onderbedelingsvordering kan nuttig zijn om liquiditeiten bij de kinderen te krijgen. Tegelijkertijd kan deze goedbedoelde betaling onverwacht schenkbelasting tot gevolg hebben. 

Van belang is ook de vastlegging. Voorkomen dient te worden dat naderhand binnen de familie discussie ontstaat over zulke aflossingen. Het is daarbij aan te bevelen om bij gedeeltelijke aflossingen duidelijk te documenteren welk deel van een vordering wordt afgelost en hoe eventuele rente daarbij wordt behandeld.

Ons advies

Laat vooraf beoordelen welke fiscale gevolgen een voorgenomen aflossing heeft. Tijdig advies kan helpen om ongewenste fiscale gevolgen te voorkomen en ervoor zorgen dat de aflossing juridisch en fiscaal correct wordt vastgelegd.

Herkenbaar? 

Heeft u een vordering op een ouder uit een nalatenschap, of overweegt u als langstlevende ouder een dergelijke vordering vervroegd af te lossen? Laat dan vooraf onderzoeken wat de fiscale gevolgen zijn. In de praktijk blijkt regelmatig dat een aflossing die als "terugbetaling van een schuld" wordt gezien, voor de schenkbelasting toch anders kan uitpakken. Een tijdige beoordeling kan onaangename verrassingen voorkomen.
 

Heeft u een vraag? Wij nemen zo snel mogelijk contact met u op.