Netherlands
Talen

Talen

'Gaat u erop vooruit?'

De meeste belastingbetalers gaan er in 2019 op vooruit. U ook? We zetten de belangrijkste wijzigingen op een rij.

De tarieven voor de inkomstenbelasting veranderen. Dat pakt negatief uit voor mensen met een inkomen tot 20.384 euro per jaar. Het tarief in de eerste schijf is namelijk het enige dat stijgt: van 36,55 naar 36,65 %. In de tweede schijf daalt het tarief van 40,85 naar 38,10 %. Het tarief in de derde schijf, voor inkomens vanaf 68.507 euro per jaar, daalt van 51,95 naar 51,75 %. Voor AOW’ers gelden andere tarieven.

Heffingskorting

Door een verhoging van de algemene heffingskorting hebben mensen met een inkomen tot 68.507 euro per jaar meer te besteden. De heffingskorting is een korting op de inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen. Ze is inkomensafhankelijk: hoe lager het inkomen, hoe hoger de korting. Die heffingskorting stijgt in 2019 met 219 euro naar 2477 euro per jaar voor inkomens tot 20.384 euro per jaar. Inkomens tussen 20.384 en 68.507 euro per jaar profiteren ook van een verhoging van de algemene heffingskorting, alleen minder.

Door een verhoging van de arbeidskorting gaat werken meer lonen. De arbeidskorting is een heffingskorting voor mensen die werken. Van de verhoging profiteren vooral mensen met een inkomen tussen de 20.000 en 60.000 euro per jaar. De maximale arbeidskorting stijgt in 2019 met 150 euro naar 3399 euro per jaar. De koopkracht van gepensioneerden wordt in 2019 versterkt door een verhoging van de ouderenkorting. Het maximumbedrag wordt met 178 euro verhoogd tot 1596 euro. Voor ouderen met een inkomen boven 36.786 euro bouwt de korting vanaf 2019 geleidelijk af. Dit jaar bouwt die nog ineens af naar 72 euro.

Werknemers die werk combineren met de zorg voor jonge kinderen hebben recht op een inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK). Deze korting wordt in 2019 anders berekend. Mensen met een inkomen tussen 5000 en 25.000 euro krijgen minder IACK, omdat het basisbedrag van 1000 euro verdwijnt. Wel gaat het opbouwpercentage omhoog van 6,16 naar 11,45 %. Dat betekent dat de maximale korting (2835 euro in 2019) eerder wordt bereikt. Het lage btw-tarief gaat omhoog van 6 naar 9 procent.

De belasting op aardgas gaat in 2019 omhoog met 3 cent per m³. De belasting op stroom gaat omlaag met 0,72 cent per kWh. De vaste belastingkorting op energiebelasting wordt verlaagd met 51 euro. Nu bedraagt die nog 308,54 per huishouden. Voor hoge inkomens (boven 68.507 euro) wordt het tarief van enkele aftrekposten verder afgebouwd, waaronder de hypotheekrente. In 2019 daalt het met 0,5 % naar 49 procent. Tegelijkertijd daalt het eigenwoningforfait naar 0,65 %. De afbouw van de hypotheekrenteaftrek gaat vanaf 2020 versneld, zodat die in 2023 nog 37,05 % is.

Aftrekposten

Andere aftrekposten worden vanaf 2020 ook afgebouwd naar 37,05 % in 2023. Het gaat onder meer om de partneralimentatie, giften, zelfstandigenaftrek. De maximale, belastingvrije vrijwilligersvergoeding stijgt in 2019 met 200 euro naar 1700 euro per jaar. Roken wordt duurder. Zo wordt een pakje van twintig sigaretten 6 cent duurder en een pakje shag (40 gram) 11 cent.

Deze  publicatie is geschreven door Peter Heesen en verscheen op zaterdag 29 december 2018 in Dagblad De Limburger / Limburgs Dagblad. Het artikel kwam tot stand dankzij medewerking van fiscaal jurist Roel Wienen van RSM in Venlo.

     
mr. Roel Wienen    
+31(0)77 354 28 00    
E rwienen@rsmnl.nl