Opgelet: voor de schenk- en erfbelasting zijn wijzigingen voorgesteld die veel mensen zullen raken. Dit is bijvoorbeeld het geval bij schenkingen onder schuldigerkenning of bij ‘langstlevende-testamenten’. De wetgever wil namelijk een aantal forfaits aanpassen. Hierdoor zal bijvoorbeeld de onbelaste vermogensoverdracht in de vorm van rente op schuldigerkenningen, in feite worden ingeperkt. Dit geldt ook voor bijvoorbeeld de rente die op een overbedelingsschuld kan worden vergoed. Deze plannen zullen naar verwachting niet eerder dan in 2028 in werking treden, maar op tijd voorsorteren kan onder omstandigheden een grote besparing opleveren.  

Inleiding

In de schenk- en erfbelasting worden forfaits gebruikt om de contante waarde te benaderen van

  • een vruchtgebruik
  • van beperkte rechten
  • van rechten op / verplichtingen tot periodieke uitkeringen.

Deze forfaits zijn sinds 1980 niet meer aangepast, terwijl de levensverwachting is toegenomen en de rente is gedaald. Ook bieden deze forfaits mogelijkheden om erf- en schenkbelasting te besparen. Bijvoorbeeld het vergoeden van 6% rente op een schuldigerkenning uit vrijgevigheid (‘papieren schenking’). Of het vergoeden van 6% samengestelde rente door de langstlevende op overbedelingsschulden aan de kinderen. De wetgever wil daarom de forfaits actualiseren met een lagere rekenrente en ander waarderingsmethodiek. De fiscale voordelen van gebruikmaken van deze rentes en waarderingen, worden dan kleiner.

Enkele voorgestelde wijzigingen:

  • als rekenrente gaat gelden de risicovrije rente die hoort bij een looptijd van negen jaar, op basis van de Ultimate Forward Rate die DNB publiceert. Geschat wordt dat deze per 2028 drie procent bedraagt;
  • jaarlijkse bijstelling van de rekenrente over een middelingsperiode van vijf jaar met afronding op halve procentpunten;
  • de rente wordt éénmalig bepaald. IJkmoment is het kalenderjaar van ontstaan van de vordering, oftewel het jaar van overlijden of van schenken;
  • levensverwachting sekseneutraal benaderen én baseren op prognosetafels van het Koninklijk Actuarieel Genootschap;
  • aanpassing en verfijning van waarderingstabellen voor periodieke uitkeringen.

Er wordt daarbij voorzien in overgangsrecht voor opengevallen nalatenschappen: bij een overlijden vóór het ingaan van de nieuwe forfaits, is de nieuwe rekenrente niet van belang.

Impact in de praktijk

Schuldigerkenningen (‘schenking op papier’): vanaf 2028 zal voor nieuwe schuldigerkenningen naar schatting de normrente drie procent bedragen in plaats van zes.

Nalatenschappen/ testamenten: de rente die een langstlevende maximaal kan vergoeden om zo de toekomstige erfbelasting te besparen, gaat ook omlaag. Testamenten die een rente voorschrijven van zes procent, zullen op dit punt mogelijk moeten worden aangepast.

Waarde vruchtgebruik: een vruchtgebruik zal een lagere waarde krijgen. Dit kan weer gevolgen hebben voor de hoogte van de rente die een langstlevende vergoedt op een overbedelingsschuld.

Acties

Een doordacht plan om vermogen over te dragen wordt met deze wijzigingen belangrijker. Het belang van het (herhaaldelijk) benutten van vrijstellingen en van het lage ouder-kind tarief van 10% door het doen van schenkingen, neemt toe.  Daarbij kan een hogere schenking op papier het effect van een lagere rente opvangen. Ook in een testament kan mogelijk worden geanticipeerd op deze wijzigingen, door bijvoorbeeld na te gaan of alle vrijstellingen wel optimaal worden benut en/of de renteclausule ‘bij de tijd’ is.

Vragen over de impact van deze plannen voor uw situatie? Neem dan contact op met uw RSM-adviseur.

 

Heeft u een vraag? Wij nemen zo snel mogelijk contact met u op.